Deze huurschuld, zeker in het licht van de mededeling van [huurder] dat er geen middelen zijn om die huurschuld te voldoen, rechtvaardigt dat de huurovereenkomst wordt ontbonden en de woning door [huurder] wordt ontruimd. De kantonrechter zal de daarop gerichte vordering eveneens toewijzen. Gelet op het op de ontbinding gerichte verweer van debeide bewindvoerders overweegt de kantonrechter dat in de door de bewindvoerders aangevoerde omstandigheden toch moeilijk een argument kan worden gevonden waarom in plaats van [huurder] die het betreft, de verhuurder wel de dupe mag worden van het door de bewindvoerders gestelde onvermogen van [huurder] om met geld om te gaan.

Bron: Rechtspraak.nl – LJN: BP7030